Van Gogh Museum is de naam van het museum dat in het teken staat van de beroemde Nederlandse schilder en in Amsterdam een toeristische trekpleister vormt.

Populair museum

Het Van Gogh Museum werd in 1973 geopend. Een deel van het gebouw is gelegen aan het Amsterdamse Museumplein waardoor het samen met het Rijksmuseum en het Stedelijk Museum een unieke plek vormt voor de kunstliefhebber. Sinds de opening is het Van Gogh Museum uitgegroeid tot een van de populairste musea van het land met soms wel 1,5 miljoen bezoekers per jaar. Het museum bezit de grootste collectie Van Gogh schilderijen ter wereld. Naast werk van Van Gogh stelt het museum ook schilderijen tentoon van tijdgenoten als Paul Gaugain, Georges Seurat en Claude Monet. Het museum organiseert regelmatig tentoonstellingen aan de hand van een thema gerelateerd aan Van Gogh of andere schilders en stromingen.

Ontstaan collectie

Na zijn dood in 1890 liet Van Gogh al zijn werken na zijn broer Theo die kunsthandelaar was. Helaas zou Theo van Gogh een jaar later sterven waarna de collectie overging op zijn vrouw Jo. Zij wist een aantal werken te verkopen maar een groot deel bleef in bezit van de familie. In 1962 droeg de familie Van Gogh voor 15 miljoen gulden de complete verzameling over aan de Nederlandse Staat. Deze bestond naast schilderijen, tekeningen en brieven van Van Gogh ook uit schilderijen van zijn vriend Paul Gaugain. Onderdeel van deze transactie was de eis dat de werken zouden worden ondergebracht in een speciaal aan Van Gogh gewijd museum.

Beroemde werken

Het Van Gogh Museum heeft een groot aantal beroemde werken van de schilder in bezit. Wie de naam Van Gogh hoort, zal snel aan schilderijen denken als De aardappeleters (1885), Zonnebloemen (1889), Korenveld met kraaien (1890) of zijn Zelfportret als schilder (1887-1888). Dat zijn maar enkele topstukken die permanent in het museum zijn te bewonderen.

Het gebouw

Het originele ontwerp voor het Van Gogh Museum was van de beroemde Nederlandse architect Rietveld. Na zijn dood werden de plannen echter aangepast door zijn compagnons. Het uiteindelijke gebouw dat in 1973 klaar was, is van de buitenkant weinig opvallend en bestaat vooral uit beton en glas. De binnenkant is ruim en overzichtelijk van opzet. Het museum is door de jaren een aantal keren veranderd. De nieuwe vleugel ontworpen door Kisho Kurokawa is bedoeld voor tijdelijke tentoonstellingen. In 2015 kreeg het museum een nieuwe ondergrondse hoofdingang die makkelijk toegang biedt aan zowel het hoofdgebouw als de nieuwe vleugel.